Hieronder kan het verslag gelezen worden:

Geplaatst op: 28-02-2008
Verslag 16 Gibraltar februari 2008

Op 15 februari zijn we al motorzeilend in Cádiz aangekomen. De wind was nihil, alleen bij het naderen van de baai van Cádiz trok deze aan tot 4 bf en hebben we nog een halfuur kunnen zeilen. Bij het vertrek uit Chipiona een stuk uit de kust gegaan i.v.m. de banken die er liggen. Er liggen in de Straat van Gibraltar, die wij nu genaderd zijn, erg veel ondieptes. Bij het navigeren moeten we daar rekening mee houden. Ook letten we op het weer, want bij erg veel wind zijn de ondieptes niet erg prettig, deze veroorzaken dan flinke golven.

Bij het naderen van de baai lagen veel marine boten voor anker en de helikopters vlogen op en aan. De USA marine heeft in Rota een basis en wij moesten langs het gebied om de haven van Cádiz te bereiken. De haven is nog in aanbouw, de steigers zijn gereed maar de bestrating erom heen is nog in aanleg. We zijn een flink aantal dagen gebleven want de ene na de andere storm kwam over ons heen. We lagen af en toe aardig te schommelen in de box, op de meters zagen we soms meer dan 35 knopen wind= 8 bf. Ondanks de wind bleef het goed weer en konden we veel ondernemen.

Cádiz wordt wel de sirene van de zee genoemd en is al in vele dichtregels vernoemd. De torens en koepels, hoog boven een diepblauwe zee, geven de stad Cádiz een oosters uiterlijk. Cádiz ligt op een rots aan het eind van een smalle landtong. Karakteristiek zijn er de rechte, smalle straten, omzoomd door elegante witte huizen met dakterrassen en de gracieuze pleintjes, die door palmen worden beschaduwd.

Wij hebben diverse malen een zwerftocht gemaakt door de nauwe, hellende straatjes van de stad en iedere keer iets bezocht of bekeken. De kathedraal Nueva, die in de l8de -19de eeuw werd gebouwd in classicistische stijl heeft een interieur met vele beelden, schilderijen en houtsnijwerk. In het koor zijn mooie banken. Onder het hoofdaltaar ligt een crypte met o.a. het graf van de bekende Spaanse componist Manuel de Falla (1876-1948). De bij de kathedraal behorend museum is niet erg groot wel erg mooi gebouwd. Het herbergt prachtige schilderijen, bronzen en gouden onderdelen uit de kerken. Bijvoorbeeld de Custiodia del Millón uit 7121 die vol edelstenen zit. Wij kwamen er ook 2 mooi bewerkte houten kasten tegen die aan de binnenkant met Delft blauwe tegels waren versierd.

In het park op de Plaza España, wordt het kiesrecht in beeld gebracht in een mooi monument. De vele parken in Cádiz zijn goed onderhouden en bieden prachtige flora. Ook de vele kerken uit de 17 en 18 eeuw zijn goed onderhouden en hebben prachtige interieurs. In de San Francisco kerk aan het mooie plein met de zelfde naam was er net een dienst aan de gang toen wij er waren. Ook zijn er 2 universiteiten waarvan er één voor de medicijnen studie is. We hebben het San Sebastian kasteel bezocht. Dit Kasteel ligt midden in zee. Via de Caleta poort loopt er een smalle weg naar toe, die soms bespat wordt met de golven die er over slaan. Met Carolyn een zwerftocht gemaakt door de stad. We hebben de restanten van het Romeins theater bezocht uit de tijd van Julius César. Door de Bario Del Populo gewandeld, een oude wijk, in de kerk Santa Cruz was er een concert van een brasband bezig. We hebben naar een aantal nummers geluisterd.

Verder kun je er leuk winkelen. De straatjes bieden een keur aan diverse kleding en schoenen winkels. Ook enkele kleine buurt winkels voor je dagelijkse boodschappen. Bij het postkantoor heb je de Spaanse Mercado met veel groente, vlees en vis kramen. In de straat achter de Mercado een grote Carrefour supermarkt en in de straat opzij van het postkantoor een Supersol. Vanaf de haven een flink stuk wandelen. Wij zijn een aantal keren met de fiets geweest om de voorraad bij te vullen. Al met al Cádiz is zeer de moeite waard om een aantal dagen door te brengen. De bus- en treinstations hebben goede verbindingen met het achterland.

Wij kozen voor de bus (1 ½ uur) naar Sevilla, op 18 februari, de hoofdstad van Andalusië. De bus brengt je vlakbij het historische centrum waar o.a. de kathedraal staat. Het treinstation is daar nog stuk vandaan.

Wat een geweldige stad is Sevilla. Een keur van prachtige oude gebouwen, mooie pleinen en brede straten. Te veel om alles in één dag te bezoeken. De kathedraal van Sevilla met de Giralda toren hebben we als 1e bezocht. Deze kathedraal ligt op de plek van een grote, in de 12e eeuw door de Almohaden gebouwde moskee. La Giralda (van origine een minaret), de klokkentoren en de Patio de los Naranjos zijn resten van dit Moors bouwwerk. In 1401 begon men met de bouw van de christelijke kathedraal, de nu op één na grootste van Europa. Een eeuw later was hij klaar. Na bezichtiging van dit grote bijzondere godshuis met o.a. het praalgraf van Columbus, kun je La Giralda beklimmen via de oplopende hellingen (talud) en genieten van een schitterend uitzicht over de stad. Wij zijn het talud opgelopen tot op 70 meter naar de klokkentoren. De toren zelf is 100 meter hoog. Ferdinand III van Castilië heeft in 1248 met zijn paard het talud bestegen nadat hij de stad veroverd had en een eind had gemaakt aan de Moorse heerschappij. Vanaf de kathedraal zijn we langs het Los Reales Alcazares, de koninklijke paleizen van Sevilla gelopen. Een combinatie van mudejar handwerk, een koninklijke stijl en mooie tuinen. Vooral de ambassadeurszaal moet erg mooi zijn. Helaas zijn de paleizen geopend van woensdag t/m zondag en niet op de maandag toen wij er waren.

Dan verder langs het mooie Hotel Alfonso XIII en de Universiteit naar de Plaza de España. Dit kleurrijke plein vormde het middelpunt van de Ibero-Amerikaanse tentoonstelling in 1929. Spanje, Portugal en Latijns-Amerika stalden hier hun promotiewaar uit in kleurrijke paviljoens. Onderaan het pompeuze Palacio de España vind je de provincië afbeeldingen in prachtige tegelafbeeldingen. Veel stelletjes die trouwen komen op het plein om hier hun huwelijksfoto’s maken. Vanaf het plein kun je door het bijzonder Parque María Luisa lopen richting Gualdaquivir rivier. Het magnifieke park, genoemd het groene hart, heeft fraaie bloesembomen en planten. De heggen zien eruit als buxus maar zijn het niet. De blaadjes ruiken naar lavendel als je ze tussen je vingers oprolt. Langs de rivier zijn we richting Torre del Oro gelopen. Een verdedigingstoren, die tegenwoordig dienst doet als museum. Het is een gekanteelde Moorse toren uit de 13e eeuw, die zijn naam dankt aan de met goud ingelegde versieringen. Vandaar een stuk door de stad gelopen richting busstation. We hebben onderweg in de Avenida San Fernando in een authentiek Spaans restaurantje gegegeten. Geen bediening, je kon zelf alles afhalen en bestellen aan de bar. De kok kwam zelf de schotels op de tafel zetten. Heerlijk gegeten en gedronken.´s Avonds kwamen we moe maar voldaan weer in de haven terug.

Op 25 februari leken de weersvoorspelling gunstig om in 2 etappes naar Gibraltar te gaan. Wij zijn echter tot Barbate gekomen en daar gebleven. De volgen dag blies er een flinke wind door de Straat van Gibraltar van 6 bf. De trip van Cádiz naar Barbate zijn we laat aangevangen i.v.m. schietoefeningen van het leger (de tijden komen binnen op de Navtex). We zijn in het smalste gedeelte langs de kust het gebied overgestoken, toen het etenstijd was om 13.30uur. Dan heb je de tijd om de 2 mijl over te steken. Het is even rekenen maar om het gebied heen te varen vergt te veel tijd. We hebben de hele trip de wind op de kop gehad, en bij kaap Trafalger hadden we flinke golven. De wind was daar inmiddels een 4/5 bf geworden. Wij zijn om 19.00uur aangekomen. De Balchis kwam 1 uur later, die hadden het ook niet zo leuk gehad bij Trafalgar. De kaap is vernoemd naar de zeeslag die in 1805 plaats vond waar Lord Nelson, die daarbij het leven liet, de Frans-Spaanse vloot versloeg en Engeland versterkte daarbij zijn macht in het Middellandse zee gebied. Barbate is een klein vissersdorp waar voornamelijk van de tonijnen vangst wordt geleefd.

Naast de haven kon je de ankers en bollen met staaldraad zien liggen die voor deze vangst gebruikt worden. Het dorp, dat we geheel hebben door gefietst, is niet veel bijzonders. Een winkelstraat en wat zij straatjes. Wel een mooie promenade met een groot strand. Een 10 minuten van de haven is er een grote supermarkt, de Super Sol.

Op 27 februari waren de weer voorspelling zo dat we vertrokken naar Gibraltar. Het zou variabele wind zijn 2/3 bf. Nou het werd dus oostenwind en veelal 4 bf. De zee vaak ruw, zoiets als een wasmachine. Afijn we zijn langs Tarifa gekomen, het surfers paradijs en zuidelijkste puntje van Europa. Ook het smalste stuk in de Straat van Gibraltar, zo 12 kilometer breed tot Marokko en deze kust was ondanks de nevel duidelijk te zien. We zijn ’s avonds om 19.00 uur aangekomen en wat we hier in Gibraltar gaan beleven lezen jullie in het volgende verslag.

Foto's bij dit verslag:
Bekijk alle 36 foto's

Terug